Suikerziekte

Suikerziekte, oftewel diabetes mellitus, bij de hond is een vervelende maar tegenwoordig goed behandelbare ziekte.

Symptomen

Een hond met suikerziekte heeft kenmerken die vaak lang onopvallend blijven. Veel drinken en veel plassen is er een van, maar ook veel eten en toch vermageren is iets waar u deze ziekte aan kunt herkennen. Net zoals bij mensen met suikerziekte, lopen honden met overgewicht en oudere honden een groter risico op deze aandoening. Bepaalde rassen zoals bijvoorbeeld de Cairn Terriër en de Pinscher hebben ook een verhoogde kans. Verder kan het gebruik van corticosteroïden, bijv prednison en de anti loopsheid injectie de kans op suikerziekte verhogen. Ook niet-gecastreerde teven (dus teven die nog eierstokken hebben) lopen een groter risico.

Wat is suikerziekte?

Wanneer een hond eet, komt dit voedsel via de slokdarm en de maag in de darmen. Hier worden de suikers (glucose) opgenomen in het bloed en deze komen met behulp van insuline in de lichaamscellen terecht. De glucose voorziet deze cellen van brandstof. Wanneer een hond suikerziekte heeft is de alvleesklier, die de insuline aanmaakt, niet meer werkzaam. Hierdoor komt er geen of weinig insuline vrij waardoor de glucose niet naar de lichaamcellen kan en daardoor in het bloed blijft. De cellen krijgen hierdoor onvoldoende brandstof.

Therapie

Door middel van een bloed- en urineonderzoek kan suikerziekte worden aangetoond.

De behandeling van suikerziekte bestaat uit 2 delen: het spuiten van insuline en regelmaat met voeding en beweging. Na de diagnose suikerziekte zal een van onze diabetes consulenten (Esther, Ingeborg en Natasja) alles met u doorspreken. Samen met haar zult u een schema maken en oefenen, zodat u zelf uw dier twee keer per dag insuline kunt spuiten. Meestal heeft het baasje dit snel onder de knie, omdat het toedienen van de insuline tijdens of direct na het eten kan gebeuren (en de hond dan al afgeleid is door het eten). De insuline moet altijd in de koelkast bewaard worden en is na het aanprikken 6 weken houdbaar. Zwenken voor gebruik.

Het is bij de behandeling van suikerziekte ook heel belangrijk om een vast bewegings- en voerschema aan te houden. Het is verstandig uw dier een speciaal dieet te geven, dat enkel op voorschrift van een dierenarts verkrijgbaar is. Deze speciale voeding bevat weinig koolhydraten, zodat de omzetting van vet naar energie bevorderd wordt. Bovendien zorgt de lage hoeveelheid koolhydraten voor minder schommelingen in de glucose spiegel. Ook bevat de voeding meer eiwitten, wat ervoor zorgt dat de spiermassa behouden blijft

Controle

De eerste paar weken van de behandeling zijn er geregeld suikercontroles op de kliniek. Tijdens deze controle wordt er bloed geprikt om het glucose gehalte te bepalen. Afhankelijk van de glucose waardes in het bloed en hoe de hond zich voelt, wordt de dosering insuline of de hoeveelheid voeding aangepast. Dit wordt ook wel het 'instellen' van een suikerpatiënt genoemd. Wanneer de goede hoeveelheid insuline is ingesteld, bouwen we deze controles langzaam af.

Wanneer een suikerpatiënt goed gereguleerd is, is de levensverwachting goed en kunnen de controles steeds verder afgebouwd worden.

Het Websitebedrijf